Onderzoek naar ALS en Parkinson: de neuronen herstellen

Werelddag ALS op 21 juni

21/06/2016

Er is nog geen geneesmiddel om ALS en de ziekte van Parkinson volledig te genezen, maar de voorbije jaren is er wel een opmerkelijke wetenschappelijke vooruitgang geboekt. Dit leverde geneesmiddelen op die beide aandoeningen gevoelig vertragen.

Intussen gaat de zoektocht naar innovatieve behandelingen door, om de ziektes nog beter te behandelen en de levenskwaliteit van de patiënten te verbeteren.

Wat is de ziekte van Parkinson?

De ziekte van Parkinson treft ongeveer 1 procent van de bevolking ouder dan 65 jaar. Bij de patiënten verdwijnen de ‘dopaminerge neuronen’, de zenuwcellen die een rol spelen in de controle van de bewegingen. Patiënten krijgen last van motorische storingen zoals traagheid, spierstijfheid en beven. Ook heel wat niet-motorische symptomen zoals slaapproblemen, cognitieve stoornissen, evenwichtsstoornissen, depressie en plotse bewegingen in de slaap kunnen wijzen op de ziekte van Parkinson.

De precieze oorzaken van de ziekte zijn onbekend. Omgevingsfactoren (pesticiden), genetische factoren, een verslechterde stofwisseling of een ontstekingsproces zouden een rol kunnen spelen. Het is daarom zeer moeilijk om de ziekte vroeg te herkennen. Parkinson is een ziekte die lange tijd onopvallend evolueert.

Door het grote aantal mogelijke oorzaken volgden wetenschappers verschillende pistes om een behandeling te ontdekken. Met succes: de ontdekking van de stof L-Dopa, begin jaren 60, hielp om de onomkeerbare evolutie van Parkinson onder controle te houden en gaf patiënten een 'normale' levensverwachting, terwijl de overleving voordien maar 9,5 jaar was.

Er zijn bovendien verschillende therapeutische opties, afhankelijk van hoe de ziekte evolueert. Zo gebruiken specialisten kinesitherapie om de mobiliteit te trainen en te onderhouden, maar ook logopedie om slikproblemen te voorkomen.

Wat is ALS?

ALS, voluit ‘amyotrofische laterale sclerose’ oftewel de ziekte van Charcot, treft 6 à 7 personen op de 100.000. Ook deze ziekte is het gevolg van de geleidelijke afsterving van neuronen. Bij ALS gaat het om de motorneuronen, die de skeletspieren aansturen vanuit de hersenen, de hersenstam en het ruggenmerg. De progressieve verlamming van de spieren kan ook het slikken en de spraak aantasten, en de ademhalingsspieren. Ook bij ALS is de oorzaak van de aandoening niet helemaal bekend. Wetenschappers denken aan een combinatie van genetische en omgevingsfactoren.

De ontwikkeling van riluzol, in de jaren 80, was een eerste stap voorwaarts in de behandeling van ALS. In ALS-referentiecentra, zoals dat van Gasthuisberg in Leuven, zijn ook protocollen ontwikkeld voor multidisciplinaire zorgen op basis van kinesitherapie, logopedie, ergotherapie en psychologische ondersteuning. De referentiecentra onderzoeken ook de onderliggende mechanismen van de aandoening. Zo ontwikkelen ze biologische of radiologische biomarkers die de ziekte-evolutie voorspellen, en nieuwe therapeutische moleculen.

Blijvende investeringen in onderzoek

Zowel bij ALS als bij de ziekte van Parkinson vormt celtherapie een belangrijk onderdeel van het wetenschappelijk onderzoek. Twee pistes lijken veelbelovend: het gebruik van cellen uit het ruggenmerg om de ontbrekende cellen van de omgeving van de motorneuronen te vervangen en hun overleving te bevorderen; en het gebruik van gespecialiseerde stamcellen die de motorneuronen of de cellen in hun omgeving kunnen vervangen.

Er is nog een hele weg af te leggen voor we kunnen beschikken over nieuwe, doeltreffende therapieën. Maar de wetenschap zet de strijd tegen de ziekte onverminderd verder.

Klik hier om de brochure verder te lezen